Isala Academie
 

"Research Manager" waarborgt kwaliteit onderzoek

Met de “Research Manager” heeft het Research Bureau nu een nieuw instrument in handen, waarmee de kwaliteit van onderzoeken gewaarborgd wordt.  Samen met Nova Business Software ontwikkelde het de webapplicatie om een professionele onderzoeksdatabase mee te kunnen bouwen en beheren. ‘Het is niet nieuw in Nederland, maar wel een doorbraak’, aldus manager Research Bureau Joep Dille.

In de onderzoekswereld worden elektronische databases veelvuldig gebruikt voor gegevensverzameling van studies. ‘Maar deze worden commercieel ingezet’, legt Joep uit, ‘en daarmee te duur voor ziekenhuizen.’ Daarom nam het Research Bureau het initiatief voor het ontwikkelen van een afgeleide, betaalbare variant. Na een jaar van ontwikkeling is deze nu beschikbaar voor de Isala klinieken en onder bepaalde voorwaarden ook voor andere ziekenhuizen. ‘Inmiddels hebben al drie ziekenhuizen aangegeven geïnteresseerd te zijn.’

Overal beschikbaar
Het grootste verschil met de huidige methode van gegevensverzameling, bijvoorbeeld in excel-sheets, is dat de research manager voldoet aan de wettelijke eisen. ‘Daarmee kan je de kwaliteit van je onderzoek verhogen.’ Dat zal vooral bij het naar buiten treden met onderzoek een rol spelen. Maar het grote voordeel voor afdelingen is volgens Joep dat de webapplicatie via internet overal beschikbaar en volledig zelf te beheren is. ‘Na een training kan iedereen zelf zijn eigen database inrichten en vervolgens beschikken over zijn eigen data.’ Ook is met de research manager het zogenoemde “multi centre” onderzoek mogelijk. ‘Dat wil zeggen dat onderzoeken nu heel eenvoudig in meerdere ziekenhuizen kan worden uitgevoerd.’

Pilot
Inmiddels vindt de research manager zijn weg al in het ziekenhuis. De afdeling Nucleaire Geneeskunde hielp bij de ontwikkeling door hun database als pilot ter beschikking te stellen. Voor de cardio SPECT CT scan worden alle verzamelde gegevens in de research manager geregistreerd. Na een eerste periode van twee maanden zijn er al van meer dan vijfhonderd patiënten onderzoeksgegevens vastgelegd, weet Joep. Bovendien is er voor studies van Kindergeneeskunde en de Geheugenpoli reeds een database geprogrammeerd. ‘En drie andere vakgroepen hebben interesse getoond’, voegt hij toe. ‘De beschikbaarheid van dit instrument helpt om studies te beginnen.’


Terug naar overzicht